Citaten door filosofen de filosoof leraar als publiek.

Het citaatrecht is een uitzondering op de bescherming die auteurs door auteursrecht wordt geboden. Het staat het citeren uit beschermde werken toe wanneer aan een aantal voorwaarden zoals bronvermelding wordt voldaan. Het citaatrecht is vergelijkbaar met, maar niet identiek aan, het Amerikaanse fair use-beginsel. Het citaatrecht is vrij beperkt, beperkter dan fair use in ieder geval.

De waardering voor pure klucht zoals wij die aan het begin van de 21e eeuw kennen is geen universeel gegeven. In zijn overzicht van de geschiedenis van het komisch toneel in Europa signaleert W.D. Howarth dat in sommige periodes het komisch toneel geacht werd een moreel doel te dienen. Humor als doel in zichzelf werd in deze periodes niet gewaardeerd. (17)

In dit geval is de hele redenering letterlijk overgenomen uit de bron, en als apart blok (met inspringen) in de tekst geplaatst. Omdat de auteur en het werk al in de tekst genoemd zijn, volstaat bij de verwijzing het noemen van de pagina waar het citaat is gevonden. De volledige titelbeschrijving van Howarths publicatie is in de lijst met geraadpleegde werken opgenomen.

Wanneer er iets uit het geciteerde gedeelte niet wordt meegeciteerd, dient de weglating te worden gemarkeerd met een beletselteken: drie puntjes tussen ronde haakjes, bijvoorbeeld: de verteller van de Max Havelaar stelt zich voor met: Ik ben makelaar (...) en woon op de Lauriergracht, No. 37.[1]