Betaald met bloed derek prince. Beste afbeeldingen over chronisch ziek op pinterest. Paul coelho. Mooi mareiki. Grappige manieren om je gasten welkom te heten. Bouwen voor de koe. Jan jansen gedichten en verhalen. Basismotieven van klanten om te kopen sales champ. Luchtvervuiling en onze gezondheid. Mooie spreuk achter elke traan van verdriet schuilt. Mooie teksten over vriendschap quotes of the day. Beste ideeën over dementie activiteiten op pinterest. Toiletregels spreuken en zo pinterest teksten wc. Bol later begint vandaag manu keirse.

W.D. Howarth wijst er in de inleiding van Comic drama. The European Heritage op dat de waardering voor pure klucht in de geschiedenis van het komisch toneel niet altijd een vanzelfsprekendheid is geweest. Er zijn periodes geweest waarin zowel toneelschrijvers als hun publiek aan komisch toneel een maatschappelijke functie toeschreven; humor diende "to harness it to some moral purpose." In deze periodes werd "?gratuitous? comic writing" niet op prijs gesteld. (17)

De waardering voor pure klucht zoals wij die aan het begin van de 21e eeuw kennen is geen universeel gegeven. In zijn overzicht van de geschiedenis van het komisch toneel in Europa signaleert W.D. Howarth dat in sommige periodes het komisch toneel geacht werd een moreel doel te dienen. Humor als doel in zichzelf werd in deze periodes niet gewaardeerd. (17)

De keuze voor een citaat of een parafrase hangt af van de soort tekst die je schrijft en de functie die de te citeren of te parafraseren bronpassage heeft binnen je tekst. Er bestaan geen vaste richtlijnen die bepalen hoeveel tekst je letterlijk mag of kan overnemen uit andermans werk. Wel een paar globale overwegingen en vuistregels:

Hieronder zie je 5 manieren om een passage te verwerken: als citaat, als parafrase (met of zonder toevoeging van korte citaatjes) en als verwijzing (al dan niet gecombineerd met verwijzing naar meerdere bronnen). In de voorbeelden is gebruik gemaakt van een passage uit W. D. Howarth, (ed.) Comic drama. The European Heritage. London: Methuen, 1978.